20 Jaar

Werkgroep Bollenerfgoed werkt 20 jaar aan behoud bollenschuren

Twintig jaar geleden was nog geen enkele bollenschuur beschermd. Nu staan bijna honderd bollenschuren op de monumentenlijst. Dat is de verdienste van de Werkgroep Bollenerfgoed van het CultuurHistorisch Genootschap Duin- en Bollenstreek, die deze winter haar 20-jarig bestaan viert.

Het jubileum van de Werkgroep Bollenerfgoed werd herdacht tijdens de uitreiking van de Zwarte Tulp Prijs op 9 december jl. in Museum De Zwarte Tulp in Lisse, waar het allemaal begon. Joop Zwetsloot, die aan de wieg stond van zowel het museum als de Werkgroep Bollenerfgoed, blikte terug op twintig jaar behoud en herbestemming van bollenschuren.

Bollenerfgoed
“In 1996, het Jaar van het Industrieel Erfgoed, vroeg de provincie Zuid-Holland aan het museum of we ons wilden bekommeren over de collectie buiten het museum. Daarmee bedoelde men de oude bollenschuren in de Bollenstreek, die steeds meer in verval raakten. We hebben toen een projectgroep gestart, die alle bollenschuren is gaan inventariseren en onderzoeken. We hebben een congres georganiseerd, een boek uitgegeven en de belangrijkste elf schuren in de Bollenstreek zijn op de Rijksmonumentenlijst gezet. Door middel van boeken, tentoonstellingen en publiciteit hebben we bollenschuren als cultuurhistorisch erfgoed op de kaart gezet."

Herbestemming
Maar bescherming alleen bleek niet voldoende: “We hebben de geesten rijp gemaakt om bollenschuren een nieuwe bestemming te geven. In de afgelopen decennia heeft de Werkgroep daarover talloze adviezen uitgebracht. De beste voorbeelden van behoud en herbestemming komen in aanmerking voor de Zwarte Tulp Prijs.” 

De Werkgroep Bollenerfgoed heeft de eerste tien jaar onder de vleugels van het museum gewerkt en is sinds 2006 onderdeel van het CultuurHistorisch Genootschap Duin- en Bollenstreek (CHG).

Footprint van de bloembollencultuur
“Inmiddels keken we niet alleen maar naar de bollenschuren, maar ook naar woonhuizen en andere gebouwen die met de bloembollencultuur te maken hebben”, vervolgt Zwetsloot, die in 2012 het voorzitterschap overdroeg aan Piet Goemans. “We begrepen ook steeds beter dat al die gebouwen onlosmakelijk verbonden zijn met het landschap van de Bollenstreek en met de mensen die in die bloembollenbedrijven gewerkt hebben. De manier waarop de Bollenstreek eruit ziet is een footprint van de bloembollencultuur. Het is van groot belang dat we dat kunnen blijven zien, zodat de inwoners begrijpen waar ze wonen.”

Bijna 100 bollenschuren beschermd
“Samen met de overheid zijn de honderd belangrijkste bollenschuren in de Regionale Collectie Bollenschuren opgenomen. Een groot deel daarvan is inmiddels aangewezen als gemeentelijk monument. In totaal zijn nu bijna honderd bollenschuren wettelijk beschermd. Het CHG-bestuur mag daar trots op zijn”, aldus Zwetsloot. Tot slot bedankte hij alle leden van de werkgroep die daaraan in de afgelopen twintig jaar een bijdrage hebben geleverd.